Dat was 2011

31 12 2011

Ik sluit zodadelijk mijn computer af, om er vervolgens wellicht niet meer aan te gaan zitten tot ergens in 2012. Dus dat was 2011. Er is heel wat gebeurd in het voorbije jaar, ik heb heel wat meegemaakt, ups and downs, leuke en minder leuke momenten. Ik zou mezelf voor 2012 dan ook veel ups en veel leuke momenten willen toewensen, en ik maak het mijn voornemen om daar een zo actief mogelijke rol in te spelen. Ik ben benieuwd.

En voor jullie natuurlijk ook ‘t allerbeste!





December is goed begonnen

6 12 2011

Met grote ogen werd de eedaflegging van Di Rupo I hier op de redactie gevolgd. Er is een regering. Na grofweg 541 dagen is er eindelijk een regering. Het voelt bijna onecht aan. Maar ze is er, en laten we met z’n allen hopen dat het een degelijke regeerperiode wordt.

En nu houden we erover op. Want als er één iets is waar ik de voorbije maanden veel over gelezen en geschreven heb, is het wel den polletiek.

Sinterklaas is langsgeweest. Ahja, want het is zes december. Eerst in ons studiootje en vervolgens ook op de redactie. En we zijn weer een paar chocolaatjes rijker. Lekker, maar niet echt gezond. Misschien dat ik me binnenkort ook eens aan het cliché-voornemen – ‘vanaf januari eet ik gezonder en sport ik meer – waag.

En zoals dat jaarlijks gaat, is het overmorgen mijn verjaardag. Mijn vijfentwintigste al. Een kwarteeuw. Da’s verdorie lang. De dag zelf zal zonder al te veel poeha passeren. Een gezellig samenzijn met mijn liefje, een taartje bij de ouders en dan gaan werken. ‘t Is volgend weekend dat het staat te gebeuren: een heuse verjaardagsbijeenkomst in Laarne. Niet minder dan eenentwintig mensen zullen aanwezig zijn. Da’s veel. Heel veel. Meer dan ik had verwacht. En nu moet ik al die mensen plaats kunnen bieden en enkele uren weten te entertainen. Dju, zeg.

Hoe dat verliep, hoort u ooit nog wel.





Contractverlenging

1 12 2011

Blijkbaar waren ze de voorbije zes maanden tevreden genoeg over mijn werk om mij alvast zes extra maanden in dienst te nemen. Jochei!





OPINIE. Nietigheid.

1 12 2011

”Het onderzoek naar schuldig verzuim door de Kerk in zaken van seksueel misbruik, krijgt een zware klap. De huiszoekingen in het paleis van de aartsbisschop zijn nietig.”

—————————

Ik begrijp het begrip ‘onrechtmatig verkregen bewijs’ niet zo goed. En daarmee bedoel ik dat ik het eigenlijk helemaal niet begrijp. Bewijs is bewijs.

Ik begrijp dat er vele jaren gegaan zijn over het vormen van ons huidig juridisch web, en dat heeft ook zo z’n verdiensten, maar zeker ook z’n missers, zoals dit er een is. En zoals de Wet Lejeune er ook een is, trouwens, maar daarover misschien later meer – al zal het dan misschien niet meer nodig zijn, daar ze er naar het schijnt wat aan zullen doen.

Stel: iemand begaat een misdrijf. Stel: daar bestaat bewijs van. Is het dan zo verkeerd om dat bewijs, by any means, kenbaar te maken? Ik vind van niet.

Ik vermoed dat het de wetgever ging om het voorkomen van nieuwe misdrijven bij het zoeken naar / blootleggen van bewijs. Maar dat begrijp ik eigenlijk niet. Wat mij betreft mogen er gerust misdrijven gepleegd worden als daarmee bewijzen van andere misdrijven blootgelegd kunnen worden.

Sta mij toe te benadrukken dat ik nogal achter morele evenwaardigheid sta. Moreel, omdat het wat mij betreft niet dwingend moet zijn. Evenwaardig: omdat de zogezegde misdrijven in verhouding moeten staan. Daarmee bedoel ik dat er wat mij betreft bijvoorbeeld gerust afgeluisterd of gechanteerd mag worden, als daarmee bijvoorbeeld het bewijs van een moord geleverd kan worden. Iemand gaan martelen omdat ‘ie een doosje lucifers gestolen heeft, gaat niet op. Al zou het wat mij betreft wel mogen, alleen is het dan moreel onwaardig.

Het draait er mij om dat een bewijs niet ongeldig verklaard mag worden omdat er ergens een fout gebeurde. Een bibliotheek aan kindermisbruikbewijs nietig laten verklaren omdat ergens de juiste handtekening ontbrak, dat vind ik te belachelijk voor woorden.

Er moeten echter twee belangrijke nuances bij dit verhaal geplaatst worden. Allereerst mag het misdrijf dat begaan wordt om een bewijs bloot te leggen, niet leiden tot vals bewijs. Iemand martelen tot ‘ie een bepaalde, onjuiste verklaring aflegt, mag niet. Daarnaast – niet onbelangrijk – mag het blootleg-misdrijf ook niet onbestraft blijven. Sla je iemands autoruiten in, teneinde een bewijs van diefstal voor te leggen, dan moet je toch nog opdraaien voor de schade.








Follow

Get every new post delivered to your Inbox.